De Britse baanwielrenner Matthew Richardson leek de grootste concurrent te worden van Harrie Lavreysen op het WK baanwielrennen dat deze week van start is gegaan. Een disciplinaire schorsing gooit echter roet in het eten voor de Brit. Richardson is door de Britse wielerbond uit de selectie voor het WK baanwielrennen in Shanghai gezet en teruggestuurd naar huis. Sjolle Wieringa, juridisch medewerker bij Vissers Legal, gaat in op de voorwaarden op basis waarvan sportbonden atleten mogen bestraffen, nog voordat een officieel onderzoek is afgerond. Daarbij kijkt hij ook hoe dit in Nederland is geregeld.
Richardson is door de bond uit de selectie gezet op disciplinaire gronden. De reden waarom deze maatregel is getroffen heeft de bond niet gedeeld. Volgens verschillende mediabronnen wordt Richardson ervan beschuldigd dat hij ernstig wangedrag heeft vertoond tegenover andere wielrenners, waaronder het maken van discriminerende opmerkingen.
Er loopt momenteel een onderzoek met betrekking tot deze beschuldigingen. Desondanks heeft de Britse wielerbond besloten om niet te wachten op de uitslag van dit onderzoek en Richardson, bij wijze van een ordemaatregel, uit de selectie te zetten. In deze bijdrage wordt toegelicht wanneer bonden bevoegd zijn om dergelijke maatregelen te nemen en hoe dit in Nederland is geregeld.
De Britse wielerbond kent een hoop reglementen waarin het beleid en gedragscodes zijn vastgelegd. Deze regels zijn bindend voor alle leden van de bond. Met betrekking tot wangedrag en discriminatie geldt het ‘Disciplinary and Safeguarding Policies and Regulations 2026’. Dit reglement vormt de grondslag op basis waarvan de Britse wielerbond haar tuchtrechtelijke bevoegdheid uitoefent.
Het reglement bepaalt wat wordt gekwalificeerd als wangedrag: “Onder wangedrag wordt verstaan elk gedrag, waaronder, maar niet beperkt tot, fysieke handelingen of mondelinge en schriftelijke uitingen dat onsportief is, een daadwerkelijk of potentieel risico op letsel inhoudt en/of de wielersport, andere deelnemers, wedstrijdfunctionarissen of de Britse wielerbond in diskrediet kan brengen.”
Het reglement geeft aan dat hier in ieder geval sprake van is bij het verrichten van handelingen of het doen van uitspraken die discriminerend zijn op grond van burgerlijke staat, ras, nationaliteit, etnische afkomst, huidskleur, godsdienst, en/of het handelen in strijd met het gelijkheidsbeginsel. Indien Richardson inderdaad discriminerende uitlatingen heeft gedaan, zal dit gedrag worden gekwalificeerd als wangedrag, overeenkomstig de bovenstaande norm.
De Britse wielerbond is op basis van de reglementen in staat om op elk gewenst moment een onderzoek in te stellen. De bond is dan ook begonnen met een tuchtrechtelijk onderzoek naar het gedrag van Richardson. Ieder lid van de wielerbond is verplicht om hieraan mee te werken. Het niet meewerken aan een tuchtrechtelijk onderzoek is namelijk op zichzelf al een overtreding van de reglementen. Hangende het onderzoek heeft de bond in ieder geval besloten om Richardson niet op te nemen in de selectie voor het WK baanwielrennen in Shanghai.
In dergelijke kwesties wordt nog wel eens de vraag gesteld hoe een atleet al gesanctioneerd kan worden voordat het onderzoek is afgerond. Het is immers nog niet bekend of Richardson zich inderdaad schuldig heeft gemaakt aan het gestelde wangedrag. Hierbij is het van belang om een onderscheid te maken tussen een tijdelijke ordemaatregel en een daadwerkelijke tuchtrechtelijke sanctie.
Een tuchtrechtelijke sanctie is een definitieve straf voor een overtreding naar aanleiding van een zorgvuldig onderzoek. Zodra is vast komen te staan dat iemand zich schuldig heeft gemaakt aan een overtreding dan kan zo’n sanctie worden opgelegd. Tuchtrechtelijke sancties hebben als doel om overtredingen te bestraffen. Deze sancties kunnen alleen worden gegeven door de tuchtrechtelijke organen van de bond die bevoegd zijn om het onderzoek te verrichten. Een ordemaatregel is meer een tijdelijke en preventieve maatregel die al opgelegd kan worden voordat schuld aan een overtreding is komen vast te staan. Zo’n maatregel kan wel worden opgelegd door het bestuur van de bond. Een ordemaatregel heeft als doel om de rust, veiligheid binnen een organisatie te herstellen.
Dit is wat de Britse wielerbond heeft beoogd met de maatregel tegenover Richardson. Zij hebben dus de bevoegdheid om Richardson tijdelijk uit het team te zetten nog voordat het onderzoek is voltooid. Dit kan het bestuur van de bond doen als de aard van de klacht of het onderzoek als voldoende ernstig wordt beschouwd. De ‘interim suspension’, zoals dat in de Britse reglementen heet, moet dan wel redelijk en gepast zijn voor de aard van de klacht of het onderzoek.
Het feit dat de Britse wielerbond het redelijk en gepast vindt om Richardson de deelname aan het WK te ontzeggen, zegt wel iets over de ernst van het onderzoek en de mate waarin de Britse bond deze aantijgingen opneemt. Dat deze ordemaatregel aan Richardson is opgelegd betekent overigens niet dat vaststaat dat Richardson schuldig is aan het wangedrag en/of discriminatie. Naar aanleiding van het onderzoek kan de Britse wielerbond namelijk concluderen dat er geen vervolgacties meer nodig zijn.
Mocht de aanklager van de Britse bond vinden dat het onderzoek rondom Richardson door de tuchtcommissie moet worden behandeld, dan wordt er een tuchtrechtelijke aangifte gedaan aan tegen Richardson door de aanklager van de bond. Richardson kan dan een aantal dingen doen:
1. De beschuldigingen aanvaarden en instemmen met een verkorte procedure zonder hoorzitting;
2. De beschuldigingen aanvaarden en verzoeken dat de zaak wordt behandeld in een hoorzitting, die uitsluitend gericht is op de zwaarte van de sanctie; of
3. De beschuldigingen ontkennen, in welk geval de zaak zal worden behandeld in een volledige tuchtzitting.
Naast deze drie, in de reglementen neergelegde, mogelijkheden is er ook een vierde optie. Richardson is een bekende atleet. Een procedure met een hoorzittingen zal een hoop media-aandacht met zich meebrengen. Dit is voor geen enkele partij ideaal. Zodra de aanklager van mening is dat er genoeg bewijs is van de overtreding, dan kan deze ook een schikking voorstellen. Op deze manier wordt een formele en in potentie langdurige procedure ontweken. Het schikkingsvoorstel bevat wel altijd nog een strafmaat, zoals (voorwaardelijke) schorsing, uitsluiting van wedstrijden en/of een geldboete. Als de beschuldigde niet akkoord gaat wordt de zaak alsnog afgehandeld door een tuchtprocedure. Als de beschuldigde de schikking accepteert wordt de zaak afgedaan met de straf uit het voorstel, maar zonder verdere procedure.
Mocht zo’n zelfde situatie zich in Nederland voordoen dan zijn de Nederlandse reglementen van toepassing. Deze zijn afkomstig van de Koninklijke Nederlandse Wielren Unie (KNWU). Het Reglement Grensoverschrijdend Gedrag (GOG) vormt hiervoor de grondslag. Hoe de procedure er vervolgens uitziet wordt ingevuld door het Tuchtreglement. Anders dan bij de Britse bond, waar de bond zelf het initiatief kan nemen, kent de KNWU een Meldpunt Integriteit als centraal loket. Iedere betrokken wielrenner kan daar een melding doen, mondeling, schriftelijk of langs elektronische weg.
Na een melding is de Disciplinaire commissie bevoegd om onderzoek te doen en sancties op te leggen. Dit voorkomt dat buiten de procedure om sancties kunnen worden opgelegd. Het reglement creëert dus geen nieuw sanctiestelsel, maar koppelt de inhoudelijke normen aan de bestaande tuchtrechtelijke procedures.
Toch is er een mogelijkheid voor de KNWU om, net zoals dat de Britse wielerbond heeft gedaan, zelf een maatregel op te leggen tegenover een overtreder het Reglement GOG, nog voordat het onderzoek afgerond is. De Nederlandse equivalent van de ‘Interim suspension’. Deze bevoegdheid is toegekend aan de Directeur Bestuurder van de KNWU en is opgenomen in het Reglement GOG.
Stel Richardson was een Nederlander geweest, dan had de Directeur Bestuurder van de KNWU een bestuurlijke ordemaatregel kunnen opleggen aan Richardson. Deze bestuurlijke ordemaatregel houdt in dat Richardson met onmiddellijke ingang een tijdelijke beperking van zijn bewegingsvrijheid zou krijgen voor de locatie(s) waar de herhaling of onveiligheid moet worden gevreesd. De Directeur Bestuurder is bevoegd deze tijdelijke beperking van de bewegingsvrijheid op te leggen zodra hij dit nodig acht ter voorkoming van herhaling, om de rust te herstellen en/of de veiligheid te waarborgen.
Indien de Directeur Bestuurder van mening is dat de orde en/of veiligheid binnen de KNWU of een lid rechtspersoon van de KNWU niet kan worden hersteld door een beperking op te leggen van de bewegingsvrijheid aan de verdachte, dan kan hij ook een andere ordemaatregel opleggen. Deze andere ordemaatregel moet dan wel noodzakelijk, geschikt en evenredig te zijn om de orde en/of veiligheid te waarborgen dan wel te herstellen.
Een situatie waarin zulk soort maatregelen zijn genomen in Nederland heeft zich in 2023 voorgedaan. Toen is een Nederlandse atleet van de Atletiekbond beschuldigd van grensoverschrijdend gedrag tegenover atlete Zoë Sedney. De mannelijke atleet mocht hierdoor voor zes maanden niet op sportcentrum Papendal komen en had geen enkele toegang tot trainingsfaciliteiten of andere steun. Na deze periode mocht de mannelijke atleet zich weer melden op Papendal en zijn verdere sancties uitgebleven.
Vaststaat dat Richardson niet mag deelnemen aan het WK in Shanghai vanwege beschuldigingen van wangedrag door het doen van discriminerende opmerkingen. Het bestuur van de Britse bond heeft deze beschuldigingen dermate serieus bevonden dat zij een voorlopige ordemaatregel redelijk en gepast vond. Hierdoor is Richardson uitgesloten van het WK. Of Richardson ook daadwerkelijk schuldig is aan het wangedrag en discriminatie staat nog niet vast en dit zal het onderzoek moeten uitwijzen.
Fotobijschrift: Matthew Richardson tijdens de sprintfinale op het WK baanwielrennen van 2025. Foto: Javier TORRES / AFP.
Sjolle Wieringa werkt als juridisch medewerker bij Vissers Legal en houdt zich vooral bezig met sportrecht. De grote interesse in sport en recht is de combinatie waarmee Vissers Legal groot is geworden. Zo ondersteunen zij dagelijks sporters, clubs, bonden, agents en sponsoren met juridisch advies dat helder, praktisch en direct toepasbaar is.
Dit is de 21e aflevering van een maandelijkse rubriek rond sport & recht door de specialisten van Vissers Legal. Lees ook deze eerdere bijdragen: