Ineke Donkervoort: "Het gaat om cultuur, niet om structuur"

Debat: het raad van toezicht-model moet wel/niet als leidraad gelden voor het besturen van NOC*NSF

Het bestuursmodel van NOC*NSF staat ter discussie. Het huidige bestuur onder leiding van Anneke van Zanen-Nieberg vraagt zich af of de koepel niet moet overstappen van een bestuur bestaande uit vrijwilligers op een raad van toezicht, die bestaat uit professionele bestuurders c.q. toezichthouders. Bestuurslid Rinda den Besten is bezig dat idee nader uit te werken. Het rvt-model is de laatste jaren in tal van sectoren in zwang geraakt, ook in de sport. Na de amateursectie van de KNVB, schaatsbond KNSB en wandelbond KWbN stapte afgelopen zomer ook de wielerunie over op een raad van toezicht. Aanleiding voor Sport & Strategie om een schriftelijk debat over dit onderwerp te organiseren, en wel via de stelling: "Het rvt-model moet wel/niet als leidraad gelden voor het besturen van NOC*NSF". In aflevering 2: Sport & Strategie-columniste Ineke Donkervoort, bestuurder en toezichthouder in diverse sectoren.

"Het voordeel van het rvt-model zou zijn dat het bestuur bij professionals ligt, dat een raad van toezicht beter toezicht kan houden dan de algemene ledenvergadering (ALV) en dat het lidmaatschap van een raad van toezicht minder tijd kost dan dat van een bestuur."

Mengen in discussies

De ALV is het hoogste orgaan in een vereniging, maar komt doorgaans maar tweemaal per jaar bij elkaar. Hoewel de stukken voor de ledenvergadering worden voorbereid in vergaderingen met bestuurders en directeuren van de aangesloten leden, blijft het heel lastig voor leden om invloed uit te oefenen en voor het bestuur om echt draagvlak te krijgen. Zeker omdat bij NOC*NSF de tien grootste bonden de meerderheid van de stemmen in de ledenvergadering hebben. Uit mijn promotieonderzoek blijkt dat andere bonden zich regelmatig afvragen welke zin het heeft om, in alle drukte die besturen met zich meebrengt, zich in discussies te mengen."

"Is het niet belangrijker, voordat gekeken wordt naar een nieuwe structuur, te onderzoeken of er verbeteringen mogelijk zijn in het samenspel tussen de bestaande organen en de mensen in die organen?"

Ineke Donkervoort

"De ervaring in andere sectoren dan sport leert bovendien dat toezichthouden op een maatschappelijke organisatie niet minder tijd kost dan het besturen. Je moet je (laten) informeren over wat er in de omgeving gebeurt; waar de kansen en bedreigingen liggen. Om het functioneren van een directie te kunnen beoordelen gaat het verder niet alleen om de kwaliteit van de aangeleverde stukken, maar vooral ook om het toetsen van de wijze van aansturen van de organisatie. Dat vraagt gesprekken met de OR, het MT, en een goed contact met de leden in de algemene ledenvergadering.

Daarnaast is het, net als bij een vrijwillig bestuur, belangrijk dat de leden van de raad van toezicht tijd besteden aan teamvorming: nieuwsgierig zijn naar elkaars perspectieven, weten wat eenieder kan bijdragen en zorgen voor een klimaat waarin iedereen zich durft uit te spreken. Alleen dan gaat de beoogde diversiteit met mensen met verschillende kennis, uiteenlopende werkervaring in verschillende sectoren en verschillende karakters, werken. Een voorzitter die eerder spelverdeler is dan boegbeeld en actief werkt aan teamontwikkeling, helpt daarbij."

Vertrouwen van de ALV

"In het huidige bestuursmodel van NOC*NSF komt het bestuur ongeveer tien keer per jaar bij elkaar en leert elkaar dan goed kennen. In het rvt-model is het aantal reguliere vergaderingen doorgaans beperkt tot vier of vijf. Elkaar én het veld en de organisatie goed leren kennen, vergt zeker evenveel tijd.

Verder moet gewerkt worden aan het verkrijgen van vertrouwen van de ALV, omdat anders het risico groot is dat de algemene ledenvergadering op de stoel van de raad van toezicht gaat zitten. In het rvt-model heeft de directie de bestuurlijke verantwoordelijkheid. Dat is anders dan in het huidige bestuursmodel, maar is het verschil tussen een bestuur op afstand en een raad van toezicht in de praktijk echt zo groot?

Als het belangrijk wordt gevonden dat de professionals gelijkwaardig zijn aan de vrijwillige bestuurders, dan kan een oplossing zijn om de directie lid te maken van het bestuur. Dat is het gebruikelijke model in Angelsaksische landen: het ‘one-tier-board-model’, waarin vrijwilligers en professionals samen besturen en zo alle gelegenheid hebben elkaar goed te leren kennen."

Teamspelers

"Elke structuur heeft zijn eigen voor- en nadelen. Maar is het niet belangrijker, voordat gekeken wordt naar een nieuwe structuur, te onderzoeken of er verbeteringen mogelijk zijn in het samenspel tussen de bestaande organen en de mensen in die organen? En bij selectie nauwkeurig in de gaten te houden of bestuur en directie teamspelers zijn en of er wel voldoende tijd en aandacht is voor teamontwikkeling? En ten slotte of communicatie wel de aandacht krijgt die nodig is en of er voldoende leiderschap getoond wordt bij de uitdagingen waarvoor de organisatie zich gesteld ziet? Ook hier geldt: 'Culture eats structure for breakfast.'"

Ineke Donkervoort is columnist in vakblad Sport & Strategie en bestuurder en toezichthouder in diverse sectoren. Zij gaat aan de Universiteit Utrecht promoveren op de aansturing en governance van organisaties in het veld van sport en bewegen.

Dit artikel verscheen eerder in het vakblad Sport & Strategie (editie 5-2023). Lees ook de eerste aflevering met Rutger Arisz