Na de opening van de Jaap Edenbaan begon de Nederlandse schaatsrevolutie

Op 9 december 1961 opende Jaap Eden de Jaap Edenbaan in Amsterdam, vernoemd naar de legendarische schaatser. Precies zestig jaar later bestaat die nog steeds als oudste 400-meterbaan ter wereld.

In de beginjaren van de sport was Jaap Eden één van de beroemdste Nederlanders, zowel als schaatser en als wielrenner. In 1893 vestigde hij zijn naam als winnaar van het WK allroundschaatsen, dat in Amsterdam werd gehouden op de baan achter het Rijksmuseum - de eerste van zijn drie wereldtitels.

Wat Eden tot een uniek verschijnsel maakte, was dat hij als baanrenner ook nog eens twee wereldtitels won. In 1895 lukte hem dat zelfs in beide sporten, waarmee Eden nog steeds de enige sporter ter wereld is, die in één jaar in twéé verschillende sporten wereldkampioen werd. In 1961 werd er ook nog eens een ijsbaan naar hem vernoemd, de eerste 400 meter-kunstijsbaan van ons land.

Een nieuw tijdperk

Deze Jaap Edenbaan was het begin van een compleet nieuw hoofdstuk in de schaatssport. Nederlandse schaatsers waren voortaan niet meer afhankelijk van natuurijs voor trainingen en wedstrijden, maar konden op elk gewenst moment in actie komen. Ook in de winters van vroeger was natuurijs namelijk lang niet altijd vanzelfsprekend, want ook toen wilde het wel eens kwakkelen, zo blijkt uit het overzicht van de jaren met een Nederlands allroundkampioenschap. In de eerste helft van de twintigste eeuw werden er maar vijftien verreden, omdat de andere 35 winters te warm waren voor een toernooi in de buitenlucht. Sinds de opening van de Jaap Edenbaan zijn álle kampioenschappen gereden, omdat die op kunstijs zijn.

De Nederlandse schaatssport onderging in 1961 daarom een revolutie, aldus schaatshistoricus Marnix Koolhaas: "Langebaanschaatsen, zoals het hardrijden op een 400 meter lange ijsbaan officieel heet, was in Nederland tot 1961 een marginale sport. Natuurlijk, als het vroor werden overal de ijzers uit het vet gehaald en trok half Nederland zijn baantjes op sloten, plassen of natuurijsbanen, maar het aantal serieuze hardrijders in ons land was klein. Wilde je als langebaanrijder ook nog internationaal meetellen, dan was je verplicht om jaarlijks op eigen kosten met de Nederlandse Vereniging ter Bevordering van het Hardrijden op de Schaats twee weken naar Noorwegen te gaan om aldaar de kunst af te kijken van de geroutineerde Scandinavische cracks."

Door de Jaap Edenbaan konden de Nederlandse toprijders voortaan op kunstijs trainen en hoefden ze geen dure buitenlandse reizen meer te maken. Jonge talenten als Ard Schenk, Kees Verkerk en Carry Geijssen profiteerden dankbaar. Het zorgde voor grote successen op de Olympische Winterspelen, waar het schaatsen sinds de eerste editie van 1924 op het programma staat. In die kleine eeuw heeft Nederland 42 gouden medailles gewonnen als meest succesvolle land bij het langebaanschaatsen. Al die gouden medailles zijn van ná 1961 – echt allemaal! Schaatsland Nederland is gebouwd op de fundamenten van het kunstijs.

Symbolisch

Het is daarom heel symbolisch dat het besluit om de Jaap Edenbaan te bouwen in exact hetzelfde weekend viel als de wereldtitel van allroundschaatser Henk van der Grift. Dat gebeurde op 21 februari 1961, waarmee het dubbel feest was voor de Nederlandse schaatsers: én de eerste wereldtitel voor een Nederlandse schaatser sinds 1905 én de komst van een nieuwe kunstijsbaan.

Ook tafeltennisser Cor du Buy speelde nog een rol met zijn Amsterdamse stadspartij Sociaal Verbond en Sportbelangen, alleen gericht op de ontwikkeling van de sport. "We hebben geen winterwielerbaan, geen kunstijsbaan en er zijn te weinig sportzalen, renbanen en sportterreinen", zei Du Buy tijdens de campagne voor de gemeenteraadsverkiezingen van 1958. Met dit sportprogramma won hij een gemeenteraadszetel, om samen met de Stichting Sportinitiatieven Amsterdam de druk op de gemeente te verhogen om de Jaap Edenbaan te bouwen.

Eind 1960 was de doorbraak, toen de eerste plannen bekend werden gemaakt voor een ijsbaan. Een jaar later opende de kleinzoon van Jaap Eden, op 9 december 1961, de schaatsbaan met de naam van zijn grootvader. Het bleek begin van één van de grootste revoluties in de Nederlandse sport.

Foto: Stadsarchief Amsterdam